Nobuku Takahashi ziet haar zoon nooit meer. Hij zit een dodencel in de Tokio-gevangenis in de Japanse hoofdstad en hij wil zijn moeder niet meer spreken, al lange tijd niet. Uit schaamte. Hij wil boete doen en zijn straf ondergaan. Japan heeft hem veroordeeld tot de strop.

Toch heeft Nobuku Takahashi vandaag een deken naar de gevangenis gebracht. De winter is ingevallen, het wordt kouder. Het blijft ten slotte je kind. Ze reisde ruim twee uur naar de betonnen gevangeniskolos aan de oever van de Arakawa-rivier in Tokio. Ze mag, als ze wil, iedere dag op bezoek komen, maar niet langer dan vijftien minuten. Wat maakt het uit, ook vandaag zag ze haar zoon niet.

Nobuku Takahashi zit met twee andere vrouwen, Mizuku Alemu en Reiko Ozaki, aan een lange tafel in het schamele, rommelige kantoortje van Amnesty International in een achterafstraat in Tokio. Ze raakt de koekjes en de thee die voor haar staan, niet aan. Het valt haar moeilijk haar verhaal te vertellen aan onbekenden.

Lees verder op Trouw.nl

Zie ook: ‘Japan doodt misdadigers in het geniep’, Trouw 21 december 2010